Albums

“My Generation”
Debuutalbum van The Who, uitgebracht in 1965. In Amerika heette de plaat The Who Sings My Generation. Bevat een aantal covers van James Brown en eigen compositities. “My Generation” en “The Kids Are Alright” zijn de bekendste tracks van dit album. Daarnaast werden ook “La-La-La-Lies” en “A Legal Matter” op single uitgebracht. “I’m A Man” werd voor de Amerikaanse versie vervangen door “Circles“.

A Quick One”
Het tweede album van The Who, uitgebracht in december 1966, bevatte ook nummers geschreven door de andere leden van de band, op verzoek van het management. John schreef o.a. “Boris The Spider“, een nummer dat tot 2002 op de setlist bleef staan, Keith schreef het knotsgekke “Cobwebs And Strange“. Het laatste nummer op de LP, “A Quick One While He’s Away“, was Pete’s eerste poging tot het schrijven van een rockopera.

“The Who Sell Out”
Deze plaat, uitgebracht in december 1967, was een eerbetoon aan de Engelse piratenstations, dankzij welke The Who in de jaren ’60 veel fans won. Daarom nam de band reclamejingles op, die tussen de nummers op deze LP te horen zijn. Bevat o.a. “I Can See For Miles“, “Our Love Was/Is” en “Tattoo“. Laatstgenoemde nummer stond in 2008 nog op de setlist. “Rael“, wederom een poging tot een rockopera, bevatte onderdelen van “Sparks”, dat twee jaar later op “Tommy” te horen zou zijn.

“Tommy”
De rockopera over de doofstomme en blinde Tommy. Uitgebracht in mei 1969 werd het album in 1998 toegelaten tot de Grammy Hall Of Fame, voor “historical, artistic and significant value“. De band tourde in 1969 en 1970 uitgebreid met “Tommy”, door de film in 1974 bestond ook de tour in 1975 grotendeels uit “Tommy”. Tenslotte speelde de band in 1989 “Tommy” voor het laatst integraal. In 2011 voerde Roger de hele rockopera nog een keer op tijdens zijn solotournee. Bevat o.a. “Pinball Wizard“, “See Me, Feel Me” en “The Acid Queen“, eveneens een hit voor Tina Turner.

“Who’s Next”
Pete experimenteerde met synthesizers terwijl hij aan het werk was voor de rockopera “Lifehouse”. Niemand kon een touw vastknopen aan de verhaallijn, dus nam de band enkele nummers los op voor hun vijfde studioplaat, “Who’s Next”, uitgebracht in augustus 1971. Bevat o.a “Baba O’Riley“, “Behind Blue Eyes” en “Won’t Get Fooled Again“, de bekendste nummers van The Who. “My Wife” werd een moment in de spotlights voor John. De hoesfoto werd gemaakt in Easington Colliery.

“Quadrophenia”
De tweede rockopera van The Who, en volgens Pete het beste dat The Who ooit gemaakt heeft. Uitgebracht in oktober 1973, was de verhaallijn – over de mods en rockers in Zuid-Engeland, wat moeilijk te volgen voor het Amerikaanse publiek. Hoofdpersoon Jimmy heeft vier persoonlijkheden, elk van die persoonlijkheden staat voor een lid van The Who. Werd in 1973 live opgevoerd, maar door problemen met de backingtapes geen succes. In 1996/97 werd de opera weer integraal opgevoerd, met als gasten o.a. PJ Proby en Billy Idol. Momenteel is The Who weer met “Quadrophenia” op tournee.

“The Who By Numbers”
Een donkerder en rustiger album, uitgebracht in oktober 1975. Pete schreef o.a. over zijn alcoholverslaving, ouder worden en zijn angst om niet meer relevant te zijn. De cover werd deze keer ontworpen door John. De hoes van “Quadrophenia” was behoorlijk duur, dus John besloot zijn ontwerp simpel (en goedkoop) te houden. “Blue, Red & Grey” werd in 2011 door Roger gespeeld op zijn solotournee. Bevat ook “Squeeze Box” en “Dreaming from the Waist“.

“Who Are You”
Uitgebracht 3 weken voordat Keith stierf, in 1978. De conditie van Moon was al aan het verslechteren. Daarom speelde hij niet mee op “Music Must Change“, vanwege de maatsoort in 5/8. De nummers die John aanleverde, waren bedoeld voor een science-fiction opera die hij aan het schrijven was. Het titelnummer was gebaseerd op een dronken avond uit in 1977, toen Pete leden van de Sex Pistols tegenkwam en hij bang was dat zij de “macht” in de rockwereld zouden overnemen.

“Face Dances”
Diverse kunstenaars leverden in opdracht van Peter Blake een schilderij aan voor de hoes van deze plaat, uitgebracht in maart 1981. “You Better You Bet” was een grote hit voor The Who. De videoclip was een van de eerste clips die door MTV werd uitgezonden. In 2002 werd “Another Tricky Day” weer live gespeeld, als eerbetoon aan John Entwistle, die zélf tijdens de “Face Dances”-tour het nummer “The Quiet One” zong.

“It’s Hard”
Het album, uitgebracht in september 1982, is geïnspireerd door de politiek van de jaren ’80. De hoesfoto is een knipoog naar het flipperkastspel in “Tommy”. De recensies waren gevarieerd te noemen. “Eminence Front” wordt nog vrij regelmatig live gespeeld. Daarnaast waren “Athena” en de titeltrack de singles van dit album.

“Endless Wire”
In oktober 2006 volgde “Endless Wire”. De helft van de plaat werd ingenomen door de mini-opera “Wire & Glass“. Daarnaast bevatte de plaat enkele nummers geïnspireerd door de film “The Passion Of The Christ”. Ook enkele akoestische nummers, gezongen door Pete. Het slotnummer van deze CD, “Tea & Theater” is sinds de release van dit album ook het slotnummer van concerten. Peter Huntington speelt drums op dit album. Zak Starkey was op tour met Oasis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s